Hoe inzicht uitzicht geeft op mooi werk, werk dat optimaal bij je past

 

“Ik wil, ik wil, ik weet niet wat ik wil.”

En als je niet weet wat je wilt, dan zul je het ook niet gauw vinden.

Dat geldt voor veel zaken, maar ook voor je loopbaan.

 

“Maar hoe krijg ik inzicht in wat ik wil?”

Die vraag is niet makkelijk te beantwoorden. Vooral omdat er legio factoren een rol spelen, wil je komen tot een goed en passend antwoord op jouw vraag met betrekking tot wat jij wilt.

Wat zijn bijvoorbeeld jouw kwaliteiten, drijfveren, interesses, waarden, voorkeuren, aversies, doelen, jouw persoonlijke missie?

Goed inzicht in die factoren en het samenspel daartussen, geeft uitzicht op wat jij wilt. Uitzicht op het profiel van jouw ideale werk, het werk dat optimaal bij je past.

Wil je jouw ideale werk vervolgens dan ook realiseren?

Dan heb je bijvoorbeeld nog inzicht nodig in jouw concrete mogelijkheden op de arbeidsmarkt en inzicht in hoe je jouw ideale werk daadwerkelijk kunt realiseren.

En al die inzichten tezamen geven uitzicht op voor jou mooi werk.

In mijn artikel help ik je op weg.

 

inzicht geeft uitzicht; ook met betrekking tot je loopbaan

 

Inzicht in wat je te bieden hebt, geeft uitzicht op werk dat past bij jouw kwaliteiten

Waar ben je goed in? Waar liggen met name jouw kwaliteiten? En welke kwaliteiten zet je het liefst in, in het werk dat je doet?

Zorg dat je daar inzicht in hebt. Zo’n goed inzicht dat je er overtuigd en overtuigend over kunt communiceren.

Zorg ook dat je inzicht hebt in de resultaten die jij met jouw kwaliteiten hebt neergezet. Zodat een potentiële werkgever of opdrachtgever inzicht krijgt in wat inzet van jouw kwaliteiten hem oplevert.

Die inzichten geven jou uitzicht op werk waarin jouw kwaliteiten optimaal tot hun recht komen en waarin jij jouw kwaliteiten optimaal kunt ontwikkelen.

 

Inzicht in jouw persoonlijke biotoop, geeft uitzicht op een werkomgeving waarin je tot bloei komt

Net als een plant hebben wij mensen onze voorkeuren en aversies met betrekking tot onze leef- en werkomgeving.

Waar de een bijvoorbeeld goed gedijt in een grote kantoortuin met gezellig geroezemoes van collega’s, kan het zijn dat een ander alle zeilen moet bijzetten om zich te concentreren op zijn werk. Met als gevolg dat zijn werk hem veel energie kost en hij zijn accu helemaal leeg trekt.

En waar de een goed gedijt in een competitieve omgeving met uitdagende targets, kan het zijn dat een ander in zo’n omgeving helemaal ten onder gaat. Verlamd door de stress, die het halen van de targets bij hem oproept.

Heb jij inzicht in wat jij nodig hebt om goed te gedijen en wat je zou moeten vermijden? Dan heb je uitzicht op een omgeving waarin jij optimaal tot bloei komt.

 

Inzicht in waar jij warm voor loopt, jouw persoonlijke missie, geeft uitzicht op werk dat optimaal bij je past

Wat betekent werk voor jou? En welke bijdrage wil jij leveren met het werk dat je doet?

Heb je inzicht in wat werk voor jou betekent en kun je dat inzicht vertalen naar criteria met betrekking tot werk? Dan draagt dat inzicht bij aan uitzicht op werk dat optimaal bij je past.

En heb je inzicht in wat jou drijft in werk en dus in de bijdrage die jij wilt leveren met je werk? Dan heb je uitzicht op werk dat je energie oplevert, in plaats van dat het je energie kost.

 

Inzicht in hoe het profiel van het voor jou ideale werk eruitziet, geeft uitzicht op het realiseren van jouw ideale werk

Kun jij geen helder antwoord geven op de vraag ‘Naar wat voor werk ben je op zoek?’, dan vergroot je de kans dat je teruggestuurd wordt met het advies om nog eens goed na te denken over wat je nu eigenlijk wilt.

Heb je wel een helder antwoord op die vraag? Dan vergroot je de kans dat je dat werk ook daadwerkelijk kunt bemachtigen. Want je hebt meer uitzicht op een baan als je focust op je ideale baan.

 

Inzicht in behoeften op de arbeidsmarkt geeft uitzicht op voor jou concrete mogelijkheden

En dus van waar mensen zoals jij nodig zijn.

Dat voorkomt bijvoorbeeld dat je focust op banen waar geen behoefte (meer) aan is. Of op banen met honderden concurrenten. Of op banen waarvan je bij voorbaat weet dat je moet concurreren met mensen met beslist betere papieren dan jij.

Goed inzicht in ontwikkelingen en behoeften op de arbeidsmarkt maakt dat je daarop kunt sturen en flexibel kunt meebewegen. En zo vergroot je het uitzicht op passend werk.

 

Inzicht in succesvolle en beproefde strategieën en loopbaanvaardigheden geeft uitzicht op een efficiënte en effectieve marktbenadering

Zodat je niet al je tijd verdoet met traditioneel solliciteren, maar proactief en doelgericht werk maakt van het voor jou ideale werk.

Leer denken en handelen als een ondernemer, zodat je jezelf, jouw Ik BV, als product of dienst succesvol in de markt kunt zetten. Ook al werk je gewoon in loondienst.

 

Kortom

 

Realiseer je dat inzicht in genoemde punten uitzicht geeft op mooi werk.

En dat je dat werk dan binnen een afzienbaar tijdsbestek kunt realiseren. Op een efficiënte en effectieve manier.

 

Mis je inzichten in genoemde punten?

Dan heb je uitzicht op een kleine kans dat je werk realiseert dat optimaal bij je past.

Of heb je mogelijk uitzicht op lang zoeken naar passend werk. Misschien geen uitzicht op passend of erger nog, helemaal geen werk.

 

Wees dus slim en zorg dat je genoemde inzichten verwerft.

 

 

Kun je wel wat hulp gebruiken bij het verwerven van genoemde inzichten?

Neem gerust contact met me op. Graag maak ik tijd voor je vrij om je vragen te beantwoorden.

 

 

 

 

Hoe je kunt voorkomen dat je in je valkuil stapt

 

In hoeverre herken je impostergevoelens bij jezelf?

Voel je je onzeker en denk je dat je anderen een onrealistisch beeld van jezelf voorspiegelt? Dat je je mooier, beter, succesvoller voordoet dan je bent?

Heb je er misschien zoveel last van, dat het je belemmert in je loopbaan?

Dan is het tijd om de koe bij de horens te pakken en voor jezelf een actieplan te maken, hoe je impostergevoelens te overwinnen.

In mijn vorige artikel heb je kunnen lezen dat beschermingsmechanismen tegen onzekerheid je niet gaan helpen. Integendeel, je wordt er alleen maar onzekerder van.

Wil je je onzekerheid aanpakken en je impostergevoelens overwinnen, dan is het belangrijk om je vertrouwen te ontwikkelen en heel kritisch te kijken naar je competenties en wat je daarmee hebt bereikt. En te leren hoe je het imposter syndroom de baas kunt worden.

In mijn artikel geef ik je daarvoor een aantal tips.

 

 

Hoe je je vertrouwen in eigen kunnen kunt vergroten

 

Vertrouwen in eigen kunnen is niet identiek aan zelfvertrouwen. Ook al worden de begrippen ten onrechte volop door elkaar gebruikt.

Zelfvertrouwen zegt meer in zijn algemeenheid iets over het vertrouwen in jezelf.

Vertrouwen in eigen kunnen, zelfeffectiviteit kun je zien als een specifiek zelfvertrouwen. Dat gaat over het kunnen maken van een adequate inschatting of je als individu de kwaliteiten hebt om een bepaald doel te bereiken.

In een van mijn vorige artikelen kun je dat nog eens nalezen.

Met name dat vertrouwen in eigen kunnen is bij mensen die last hebben van impostergevoelens niet groot. Zij zijn voortdurend bang dat ze door de mand vallen en ontmaskerd worden.

 

Wil je concrete tips om je kans op succes te vergroten door je vertrouwen te ontwikkelen? Klik dan hier.

 

Hoe je ingaat tegen innerlijke twijfel

 

Het imposter syndroom manifesteert zich met name als stemmetje in je hoofd. Dat zegt bijvoorbeeld “Je bent echt niet zo goed als je zelf denkt.” Of “Wanneer zullen ze het ontdekken?”

Heb je veel last van impostergevoelens, dan ben je er waarschijnlijk heel goed in om ‘jezelf de grond in te boren’. En kun je naar je eigen kritische oordeel maar weinig ‘goed’ doen.

Is je Innerlijke Criticus heel sterk aanwezig, dan kijkt en luistert hij voortdurend mee en geeft kritisch commentaar op alles wat je denkt, doet of had moeten doen.

Wil je je onzekerheid aanpakken en je impostergevoelens overwinnen, dan is het belangrijk om het stemmetje of misschien wel de stemmetjes in je hoofd te herkennen.

En vervolgens bijvoorbeeld die Innerlijke Criticus te negeren, van repliek te dienen of de mond te snoeren.

Heb je veel last van stemmetjes in je hoofd en wil je die leren hanteren? Lees het boekje ‘Ik (k)en mijn ikken’ er eens op na.

 

Hoe je te hard werken voorkomt

 

Je persoonlijke missie scherp hebben en op basis daarvan prioriteiten stellen is dé manier om te hard werken te voorkomen.

Met regelmaat spreek ik klanten die worstelen met de balans tussen hun werk en hun privéleven.

Vaak heeft die problematiek te maken met te hard werken in hun werk. Soms ook wel met privé te veel hooi op hun vork nemen.

Je bewust worden van je levensrichting en van wat er voor jou werkelijk toe doet, helpt je om keuzes te maken en te gaan voor wat werkelijk belangrijk voor je is, jouw persoonlijke missie.

Heb je je persoonlijke missie scherp, dan helpt dat om je prioriteiten te stellen en daar in je timemanagement rekening mee te houden.

Heb je je persoonlijke missie nog niet zo scherp? Ga dan aan het werk om je missie helder te krijgen.

 

Hoe je je successen toe-eigent

 

Mensen die veel last hebben van impostergevoelens zijn geneigd om hun successen toe te schrijven aan externe factoren. Vaak onterecht.

Misschien heb je dat gelezen in mijn vorige artikel.

Graag deel ik met je een tip van een van mijn netwerkcontacten. Als promovendicoach begeleidt zij promovendi op verschillende vlakken. Vaak is het belangrijkste onderdeel, hoe om te gaan met onzekerheid over je eigen prestaties.

Haar tip met betrekking tot het je toe-eigenen van successen:

Houd een poosje bij hoe je van tevoren tegen een bepaalde taak aankeek en hoe het uiteindelijk verlopen is.

  • Wat verwachtte je van jezelf?
  • Is die verwachting uitgekomen?
  • Als je succesvol bent geweest, waar lag dat dan aan?
  • Schrijf op wat je denkt en toets die gedachte vervolgens. Had je echt puur geluk? Was het inderdaad toeval? Of heb je zelf dingen gedaan die tot het resultaat hebben geleid?

 

Hoe je ervoor zorgt dat je goed in vorm komt en blijft

 

Het imposter syndroom de baas worden, wordt moeilijk als je niet fit bent. Wil je je impostergevoelens overwinnen, dan is het belangrijk dat je ervoor zorgt dat je letterlijk goed in je vel zit.

Vreneli Stadelmaier noemt in haar boek vier tips:

  1. Train je hersens, bijvoorbeeld met meditatie, mindfulness of yoga.
  2. Ga sporten. Dat is goed voor je zelfvertrouwen. Bovendien worden door sporten dopamine en serotonine aangemaakt en die stoffen zorgen ervoor dat je je gelukkiger voelt en minder gaat piekeren.
  3. Eet gezond en zorg voor voldoende slaap.
  4. Maak tijd voor vrienden/vriendinnen. En niet alleen voor de gezelligheid. Kennelijk maak je door ‘het leven’ met vrienden of vriendinnen te bespreken oxytocine aan. Die stof vergroot je geluksgevoel en vermindert je zorgelijkheid.

 

Overwinnen van impostergevoelens doe je niet zomaar even

Het imposter syndroom is hardnekkig.

Ik zie dat soms ook bij coachklanten. Het is iets dat je in de loop van jaren hebt opgebouwd. Dat heb je niet zomaar weer afgebroken.

 

Zoals uit mijn tips blijkt, is er ook geen rechtlijnige oplossing voor het syndroom.

Daarvoor spelen te veel factoren een rol bij het in stand houden van het syndroom.

Ik schat in dat het je al veel ruimte geeft, als je op onderdelen winst weet te behalen. Zodat je minder of geen echte last meer hebt van je impostergevoelens.

 

Wil je je impostergevoelens overwinnen?

Zorg dan voor een buddy. Of laat je begeleiden door een goede coach.

 

Heb je zelf ervaring met het overwinnen van impostergevoelens? Als buddy, coach of als iemand die zelf last heeft gehad van die gevoelens?

En wil je die ervaring delen?

Ik lees het graag.

 

 

 

 

 

Laat je niet verlammen door het imposter syndroom

 

Het is allemaal niet zo vreselijk ingewikkeld, een beetje bluf dus.”

Met lang niet alles wat gevraagd wordt in de vacatureomschrijving heeft Eric ervaring. Maar hij laat zich niet afschrikken. Zo spannend is het niet voor hem.

Voor Margriet is dat anders. Super spannend vindt ze het. “Wat ik allemaal gedaan heb, stelt niet zoveel voor. Ik kan eigenlijk niets bijzonders. Succesverhalen heb ik dan ook niet.”

Wist je dat vrouwen over het algemeen eerder geneigd zijn om op zeker te spelen dan mannen? Dat veel vrouwen bijvoorbeeld 100% zeker willen weten dat ze een functie aan kunnen, voordat ze reageren op een vacature?

En mannen? Die denken kennelijk veel eerder dat ze het wel kunnen. Zoals Eric zegt “Zo vreselijk ingewikkeld is het allemaal niet.

Met name succesvolle vrouwen kunnen last hebben van wat men noemt het imposter syndroom. Dat kan hen aardig in de weg zitten. Vooral ook met betrekking tot hun loopbaan.

Ze worden voortdurend gekweld door de angst dat ze ontmaskerd worden. Ze zijn bang dat anderen (en zijzelf) erachter komen dat ze niet competent genoeg zijn. Terwijl ze wel hun best doen om competent over te komen.

Ze ontwikkelen allerlei mechanismen om die ontmaskering te voorkomen. Daarbij realiseren ze zich niet, dat ze daarmee het risico lopen in een negatieve spiraal terecht te komen. Hoe dat werkt, lees je in mijn artikel.

Overigens is het imposter syndroom beslist niet alleen een vrouwending. Ook mannen kunnen er behoorlijk last van hebben.

 

Hoe beschermingsmechanismen je steeds onzekerder maken

 

Het imposter syndroom gaat over onzekerheid

 

Die onzekerheid heeft te maken met het feit dat je denkt dat je anderen een onrealistisch beeld van jezelf voorspiegelt. Dat je je mooier, beter, succesvoller voordoet dan je bent.

Terwijl je eigenlijk heel goed weet dat je wel iets kunt, op basis van wat je hebt gepresteerd. Zelfs op basis van harde feiten. Maar kennelijk heb je die prestaties niet of in elk geval onvoldoende geïnternaliseerd.

Je bent geneigd om je successen toe te schrijven aan externe factoren. Bijvoorbeeld pech of geluk of hulp van anderen. Zoals we dat dan noemen; je bent geneigd om extern te attribueren. Daarover later meer.

Een ander punt kan zijn, dat je geneigd bent de zwaarte van de taak te bagatelliseren. “Ach, het schrijven van die juridische teksten stelt niets voor.” Daarbij voorbijgaand aan het feit dat niet iedereen dat zomaar kan en even goed doet.

 

In een traject bij MEER WAARDE IN WERK komt dan al gauw naar voren dat je toch heel wat moet kennen, kunnen en zijn om zo’n in jouw ogen gemakkelijk klusje naar behoren te klaren.

Het je daadwerkelijk toe-eigenen van die kwaliteiten is dan een volgende stap. Voor iemand die regelmatig last heeft van gevoelens van het imposter syndroom is dat moeilijk.

Je bent bang dat anderen door het plaatje dat je voorspiegelt heen prikken. En dat je genadeloos door de mand valt.

Dat wil je krampachtig voorkomen en daar heb je dan je mechanismen voor. Ook al ben je je daarvan misschien lang niet altijd bewust.

 

 

Mechanismen om ontmaskering te voorkomen

 

Wist je dat symptomen van het imposter syndroom meer voorkomen dan je denkt?

Dat 75% van de vrouwen gevoelens van het imposter syndroom bij zichzelf herkent? Dat zelfs 30% van de vrouwen aangeeft er regelmatig last van te hebben?

Voor mannen liggen die percentages respectievelijk op 50 en 9%. Een aanmerkelijk verschil dus.

De cijfers geven overigens wel aan, dat de symptomen ook heel duidelijk kunnen spelen bij mannen.

 

Welke mechanismen zet men dan in om ontmaskering te voorkomen? Bewust of onbewust. Kijk maar eens wat je daarvan herkent.

 

Om te voorkomen dat je door de mand valt kan het zijn dat je harder gaat werken. Nog harder dan je wellicht al deed.

Dat je bijvoorbeeld ongezond perfectionistisch wordt.

Niet voor niets noem ik het ongezond. Want streven naar perfectionisme, uit angst om door de mand te vallen of uit twijfel aan eigen competenties, is beslist niet gezond. Je kunt jezelf daarmee aardig voorbijlopen en uiteindelijk kan het leiden tot burn-out.

 

Een ander beschermingsmechanisme om te voorkomen dat je door de mand valt, is uitdagingen vermijden.

Als je niet hoog grijpt, dan kun je ook niet diep vallen. In elk geval niet zo diep dat je door de mand valt.

Het voelt veilig om uitdagingen uit de weg te gaan. Bijvoorbeeld vooral niet in de schijnwerpers te gaan staan. Want stel je voor, ze zouden je wel eens kunnen ontmaskeren als je op de voorgrond treedt.

 

Maar die beschermingsmechanismen gaan je niet helpen. Integendeel, ze leiden ertoe dat je alleen maar onzekerder wordt. En dat je impostergevoelens dus sterker worden.

 

 

Hoe mechanismen om ontmaskering te voorkomen je nog onzekerder maken

 

In een eerder artikel schreef ik over intern en extern attribueren.

Attributie heeft te maken met het toeschrijven van het resultaat van je gedrag aan factoren in jezelf (interne attributie) of factoren buiten jezelf (externe attributie).

Heb je veel last van impostergevoelens, dan ben je geneigd om je successen toe te schrijven aan externe factoren. Bijvoorbeeld dat je toevallig geluk had. Of dat de taak niet zo moeilijk was als je had gedacht.

Mislukking daarentegen ben je eerder geneigd om toe te schrijven aan jezelf. “Zie je wel, ik kan dat gewoon ook niet goed. Voor mij is dat te hoog gegrepen.” Terwijl het best kan zijn, dat de omstandigheden ongunstig waren of de taak onvoldoende scherp was gedefinieerd.

 

Hoe komt het dan dat de afweermechanismen je nog onzekerder maken?

 

Neem als voorbeeld nog harder werken.

Dat harde werken leidt mogelijk tot het gewenste resultaat. Het is dus succesvol. Maar wat gebeurt met de betreffende persoon?

Die eigent zich dat succes niet toe. Die is geneigd om het succes toe te schrijven aan het harde werken. Of misschien zelfs wel geluk of hulp van anderen. In elk geval niet aan eigen competenties, haar kwaliteiten.

Bij een volgende uitdaging kan ze dus ook niet terugvallen op haar competenties. Voor haar gevoel is een volgend succes weer afhankelijk van externe factoren.

Ze is dus weer onzeker en bang dat het haar niet gaat lukken. Misschien is ze zelfs onzekerder dan de vorige keer.

 

Wat er gebeurt als je uitdagingen uit de weg gaat.

Ga je uitdagingen uit de weg, dan kun je ook geen successen ervaren. Dat betekent dat je niet kunt ervaren waar met name jouw competenties liggen, waar je goed in bent.

Dat je ook niet kunt experimenteren om te ontdekken wat wel of niet bij je past. Terwijl het je misschien wel aantrekt.

Dat maakt je nog onzekerder over wat je te bieden hebt, terwijl je je al onzeker voelt.

 

 

Ga uitdagingen dus niet uit de weg. Zie ze als een kans. Wees je bewust van wat je te bieden hebt en eigen je je kwaliteiten toe.

 

In een volgend artikel geef ik je tips hoe je het imposter syndroom tegen kunt gaan. En hoe je kunt voorkomen dat je in die valkuil stapt.

 

 

Voel jij je onzeker over wat je te bieden hebt?

Kun je wel wat hulp gebruiken bij het in kaart brengen van je kwaliteiten?

Neem gerust contact met me op voor het maken van een afspraak voor een vrijblijvend oriënterend gesprek.

 

 

 

 

Hoe perfectionisme je gedrag negatief kan beïnvloeden

 

Ik ben een perfectionist”, zegt ze trots.

En zij is niet de enige die trots is op haar perfectionisme. Alsof perfectionisme een kwaliteit is.

Perfectie zie ik eerder als een illusie dan een realiteit. Niets kan perfect zijn. Want ook al lever je kwaliteit, hoogstwaarschijnlijk kan het altijd nog beter.

Streven naar perfectie is voor mij dan ook eerder een valkuil dan een kwaliteit. Ik zie het als een vervormde, ongezonde variant van streven naar kwaliteit.

Ben jij zelf een perfectionist, dan heb je vast al ervaren hoe je perfectionisme je flink dwars kan zitten.

Zou je stiekem misschien wel graag iets willen leren van mensen die de lat een heel stuk lager leggen dan jij? Van die mensen, die naar jouw gevoel er de kantjes vanaf lopen? En zo veel gemakkelijker in het leven staan dan jij?

 

Hoe perfectionisme eerder een valkuil is dan een kwaliteit

 

Bepaalde mate van perfectionisme is niet verkeerd

 

Misschien moet je het dan geen perfectionisme noemen, maar streven naar een goed resultaat.

Ik ben daar een groot voorstander van.

Gedreven een goed resultaat willen bereiken is waardevol. Het helpt je om het beste uit jezelf te halen en is zo een bron van motivatie om goede resultaten te leveren.

 

Als je bij alles wat je doet, streeft naar het hoogst haalbare wordt dat heel anders. Dan wordt perfectionisme al gauw een probleem.

Perfectionisme als probleem omdat je nooit tevreden bent over jezelf

 

Als perfectionist ben je nooit of in elk geval niet gauw tevreden over jezelf, omdat het altijd beter kan.

Je kunt niet tevreden zijn met het resultaat dat je op een bepaald moment hebt bereikt. Je blijft dan bijvoorbeeld maar doorgaan met je werk omdat het voor jou nog niet perfect is.

Perfectionisme is dan echt een grote valkuil, die bijvoorbeeld uiteindelijk kan leiden tot burn-out. Vooral ook omdat je jouw lat heel hoog legt en steeds maar door blijft gaan om het niveau te bereiken dat je jezelf hebt opgelegd.

En ontaardt je aanpak niet in een burn-out, dan loop je het risico dat je contract niet wordt verlengd. Simpelweg omdat je in de ogen van je werkgever onvoldoende tempo maakt en dus niet de resultaten behaalt die men verwacht.

Misschien is jou dat ook al eens overkomen.

 

Als perfectionist ben je geneigd om ook tegenover de buitenwereld aan te geven dat je de lat voor jezelf hoog legt. Voor jou voelt dat ook zo.

Maar bijvoorbeeld Tony Robbins ziet dat anders:

“Perfectionisme is niet de hoogste, maar de laagste lat die je kan hebben, want het is een onhaalbare eis aan jezelf.”

 

Perfectionisme als probleem omdat je uitdagingen uit de weg gaat

 

Ben je een echte perfectionist, dan is er alle kans dat falen een absolute doodzonde voor jou is.

 

Falen wil je dan ook vermijden.

Met als gevolg dat je geneigd bent om echte uitdagingen uit de weg te gaan en je lat dus laag te leggen. Om te voorkomen dat je je doelstelling niet haalt of anderszins door de mand valt.

Zo was een van mijn perfectionistische coachklanten geneigd om op safe te spelen met betrekking tot banen waar hij voor ging. Keer op keer waren die banen voor hem onder de maat.

Maar erger nog, ze sloten niet aan bij zijn kwaliteiten. Waardoor het werk hem ontzettend veel energie kostte, hij zijn targets niet haalde en zijn contracten niet werden verlengd.

 

Schuilen achter een masker van perfectie brengt je nergens

 

Dat geldt ook voor de baanverwerving.

Het is prijzenswaard als je je goed voorbereidt op gesprekken, maar je kunt daar ook in doorslaan.

Ik heb daar sterke voorbeelden van gehoord.

Zo bereidde een kandidaat zich tot in de puntjes voor op haar gesprekken. Heel grondig deed ze haar onderzoek.

Onderzoek naar de cultuur van de organisatie en de dresscode en de make-up die daarbij past.

Dagenlang studeerde ze op de vacature en deed ze haar onderzoek naar de vacante functie. Antwoorden op mogelijke vragen en de vragen die ze zelf wilde stellen had ze stevig ingestudeerd.

Bijna tot in de perfectie had ze zich ingeleefd in haar rol als sollicitant voor de vacante functie en zich die rol eigen gemaakt. En ze speelde de rol met glans.

Trots vertelde ze dan ook dat door de selectie komen voor haar geen probleem was.

Maar daarmee de baan verwerven die écht bij je past?

Dat was haar tot nu toe niet gelukt. Mogelijk was ze daarvoor teveel gericht op een door haar bedachte externe standaard waaraan ze tot in perfectie wilde voldoen. Waardoor ze haar eigenheid als persoon verstopte achter een masker.

 

Relatieve perfectie: optimaal resultaat gezien alle beperkingen waarmee je te dealen hebt

 

Nastrevenswaard is het om te gaan voor het optimale; relatieve perfectie.

Niets kan perfect zijn. Perfectie is een illusie.

Relatieve perfectie bereik je als de resultaten optimaal zijn gezien de beperkte hoeveelheid tijd, energie, geld, hulpmiddelen, mensen en ruimte.

 

Kortom

 

Stap niet in de valkuil van perfectie. Ga voor optimalisme.

Wees je bewust van wat je te bieden hebt, jouw kwaliteiten en werk vanuit je kracht.

Durf de weg te bewandelen van wat je het allerliefste doet en ben trouw aan wat jij aan deze wereld bij wilt dragen.

Maak welbewust en zelfverzekerd keuzes in wat je wel en niet doet.

Realiseer je dat goed, goed genoeg is en zet jouw tijd en jouw kwaliteiten effectief in.

 

 

Heb je nog geen helder beeld van jouw kwaliteiten? En van de bijdrage die je wilt leveren met wat je doet in je werk?

Lees mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?’ – Een loopbaanstrategie voor gedreven hbo’ers en academici die meer waarde willen realiseren in hun werk.

En schat je bij voorbaat in, dat je wel wat hulp kunt gebruiken bij het uitstippelen van jouw volgende stap in je loopbaan? Neem gerust contact met me op voor het plannen van een vrijblijvend oriënterend gesprek.

 

 

 

 

In plaats van schaamte weg te drukken, durf erbij stil te staan 

 

Schaamte is een rotgevoel; dat zul je met me eens zijn. Als je je schaamt, dan wil je daarvan weg. Terwijl het juist goed is om erbij stil te staan. Omdat schaamte je de weg wijst naar jouw verlangen.

Schaamtevrij worden is de manier om schaamte in te zetten als krachtbron.

 

Schaamte wijst je de weg naar je verlangen

 

Verschil tussen schaamteloos en schaamtevrij

Ook al lijken de begrippen ‘schaamteloos’ en ‘schaamtevrij’ ogenschijnlijk op elkaar. Er is een wezenlijk verschil.

Ben je ‘schaamtevrij’, dan etaleer je je schaamte, in plaats van dat je je schaamte verbergt. Zoals Aukje Nauta in haar boek nooit meer doen alsof aangeeft: ‘Je kunt gelijktijdig trots zijn op wie je bent, wat je doet en weet en durft jezelf openlijk te schamen en je schaamte de vrije loop te laten.’

Schaamte is dus niet de tegenpool van trots; je kunt tegelijk schaamte en trots ervaren. Als je je schaamte paart aan trots, dan mag de schaamte er zijn. Dan laat je die vrij.

Bij ‘schaamteloos’ kun je denken aan lompheid, botheid, brutaliteit. Dat is dus echt totaal anders.

 

Je schaamte onderzoeken om te komen tot inzichten met betrekking tot je verlangen

Om schaamtevrij te worden helpt het om je schaamte zorgvuldig te gaan onderzoeken.

Aukje Nauta beschrijft 5 stappen om te komen tot diepere inzichten over wat je werkelijk wilt.

 

Stap 1: Herken de schaamtesignalen

Mensen die zich schamen verbergen zich voor de buitenwereld of gaan het gevecht aan; flight of fight.

Misschien is ‘flight’ voor jou persoonlijk herkenbaarder dan ‘fight’.

Zowel bij vluchten als bij vechten probeer je de kloof die je bij schaamte ervaart, tussen wie je bent en wie je graag wilt zijn, te dichten.

Bij vluchten bijvoorbeeld door je klein te maken of je handen voor je ogen te slaan. Maar het kan ook zijn dat je in gesprekken met collega’s, vrienden of familie oppervlakkig blijft, omdat je een open gesprek wilt ontvluchten. En kiest voor onderwerpen die veilig voelen omdat er schaamte in het spel is.

Aukje Nauta zegt daarover: ‘De belangrijkste indicator van schaamte is niet wat er gezegd wordt, maar wat er niet gezegd wordt.’

 

Stap 2: Erken de schaamte

Zeg tegen jezelf: ‘Hé, ik schaam me.’

En schaam je niet voor je schaamte.

Schaamte is tegelijk iets moois en iets lelijks.

Het mooie is dat schaamte laat zien dat je je bewust bent van je falen. Dat je inziet dat je sociaal en moreel tekortschiet. Dat er iets aan jezelf te verbeteren valt. Dat je je ervan bewust bent dat je kunt leren en groeien.

Het lelijke (of noem het, het vervelende, het voor jou negatieve) is dat schaamte je imperfectie laat zien in relatie tot anderen.

 

Stap 3: Beschrijf je schaamte

Schrijf echt op en omschrijf heel precies wat de kloof is tussen wie je bent en wie je wilt zijn.

En verder

 

Stap 4: Onderzoek je verlangen

Wat ligt er achter die norm waarvan je afwijkt, waardoor je dat gevoel van schaamte ervaart?

Welke waarde ligt er ten grondslag aan de norm of normen die jouw schaamte opwekken?

Doe zelfonderzoek naar het verlangen: omschrijf zorgvuldig wat je nu precies wilt en waarom je dat wilt:

  • Waar verlang jij ten diepste naar?
  • Wat wordt er gezien de groepsnorm van je verlangd?
  • Wat betekent die botsing voor wat je werkelijk wilt?

 

Stap 5: Onderzoek met wie je je wilt verbinden

Het verlangen achter je schaamte is volgens Aukje Nauta ten diepste een verlangen om erbij te horen, omarmd te worden, bemind te worden.

Je wilt je met anderen verbinden.

 

Samenvattend voor dit artikel en mijn vorige artikel:

Wil je schaamte inzetten als krachtbron voor leven en werken?

  • Het begint met het besef dat schaamte een krachtbron is
  • Schaamte is niet iets om weg te stoppen of te overschreeuwen
  • Schaamte is iets om te koesteren vanuit het besef dat je net als ieder ander mensen zoekt naar manieren om je liefdevol te verbinden met de mensen om je heen
  • Schaamte wijst je zodoende de weg naar je verlangen
  • Deel dus je schaamte, etaleer haar openlijk. Niet alleen verdwijnt dan het rotgevoel dat met schaamte gepaard, het opent ook de weg naar je verlangen door jezelf, je omgeving of allebei te verbeteren
  • Maak je verlangen manifest en realiseer je dat dat verlangen ook van betekenis is voor keuzes die je maakt in je loopbaan.


Zie je nog niet hoe je jouw verlangens kunt verbinden met je loopbaanoriëntatie? 

Ik help je graag op weg.

 

 

Eerste aanzet tot het benutten van schaamte als krachtbron

 

‘Oh, ik ben zo stom geweest’, zegt ze. Ze had gekeken op het profiel van een persoon die ze wilde contacten voor meer informatie over haar vraag. En had gezien dat hij teruggekeken had op haar profiel.

We voeren het coachgesprek online via Teams en terwijl ze het zegt, zie ik dat ze zich schaamt.

Als in een reflex pak ik het boek dat op mijn bureau ligt. ‘Daarvoor hoef je je niet te schamen. Daar is niets mis mee.’, zeg ik. En ik houd de cover van het boek voor de camera en vraag haar ‘Kun je het zien?’.

 

Ik heb het over het boek van Aukje Nauta met als titel nooit meer doen alsof en als ondertitel ‘Denk je schaamte om en maak het je kracht.’

Het boek ligt voor mij nog binnen handbereik.

 

Spontaan zeg ik tegen mijn klant ‘Je hoeft je helemaal niet te schamen, het is juist krachtig dat je actief op zoek gaat naar de persoon waarvan je inschat dat die voor jou van betekenis kan zijn. En dat je zijn profiel bekeken hebt om je alvast een beeld van hem te vormen.’

 

Je schaamte inzetten als krachtbron

 

Aukje Nauta, auteur van ‘Nooit meer doen alsof’

 

Ik ontmoette Aukje Nauta op een zogenoemde ‘Zalige zondag’ in de Theaterloods van Radio Kootwijk.

Aukje Nauta is psycholoog, bijzonder hoogleraar aan de Universiteit Leiden, organisatieadviseur en voormalig kroonlid van de SER. Als loopbaanprofessional ken ik haar als spreker en schrijver over met name duurzame inzetbaarheid.

Zelf noemt ze zich een ‘nepprofessor’. Publiceren in wetenschappelijke tijdschriften doet ze nauwelijks meer en voor het begeleiden van promovendi heeft ze naar haar zeggen al helemaal geen tijd meer, op die ene dag in de week dat ze aan de universiteit verbonden is.

Ze focust nu op het populariseren van psychologische wetenschap. En is als wetenschapper lid van het team van de Theaterloods.

 

 

Wat is schaamte precies?

 

Aukje Nauta definieert schaamte als: ‘een sociale, morele, pijnlijke emotie die je ervaart als je vindt dat wie je bent niet voldoet aan bepaalde normen.’

 

Schaamte als een sociale emotie.

Als je je schaamt, zegt Nauta, dan ben je bang dat andere mensen je zien als incompetent, misvormd, belachelijk of anderszins onder de maat.

Als je je schaamt, dan strookt wat je doet niet met hoe het hoort en de schaamte maakt je daar pijnlijk van bewust.

Je hebt persoonlijk last van jezelf en dat wordt veroorzaakt doordat je je tegenover andere mensen niet goed genoeg voelt.

 

Schaamte als een morele emotie.

Mijn coachklant die op het profiel gekeken had van de persoon die mogelijk voor haar van betekenis kon zijn, schaamde zich omdat ze het gevoel had dat ze had zitten gluren op andermans profiel.

De schaamte deed haar beseffen dat dat misschien ongepast was en eigenlijk niet door de beugel kon.

In mijn optiek is het overigens ongepaster om anoniem profielen te bekijken, dan in alle openheid met je eigen profiel zichtbaar te zijn als bezoeker van het profiel van iemand anders.

Voor mij voelt anoniem een profiel bezoeken pas echt als ‘gluren’. Maar dat is heel persoonlijk.

 

Schaamte als pijnlijke emotie

Als je je schaamt, dan heb je het gevoel dat je tekortschiet. Je wordt je pijnlijk bewust van de discrepantie tussen wie je bent en wie je graag zou willen zijn.

En eigenlijk wil je je het liefst verbergen, maar juist door het schaamrood val je nog meer op en trek je juist de aandacht. Terwijl je dat nou net niet wilt.

Om niet gezien te worden kan het zijn dat je als in een reflex je gezicht verbergt door je handen voor je gezicht te slaan. Zoals kinderen hun handen voor hun gezicht kunnen houden om te manifesteren dat ze er niet zijn.

 

 

Je schaamte inzetten als krachtbron; een eerste aanzet

 

Aukjes definitie van schaamte – een sociale, morele, pijnlijke emotie die je ervaart als je vindt dat wie je bent niet voldoet aan bepaalde normen – geeft aan dat er achter schaamte iets moois zit.

Mensen willen deugen, voor zichzelf en voor anderen. Denk daarbij maar aan het boek van Rutger Bregman De meeste mensen deugen. En volgens Nauta is ‘deugen’ het verlangen waar schaamte je op wijst.

Schaamte wordt voor jou een krachtbron als je ontdekt dat er een verlangen achter verborgen is, een verlangen om te deugen.

 

Welke stappen daarvoor nodig zijn, lees je in mijn volgende artikel.

 

 

 

 

Hoe je persoonlijkheid duurzame inzetbaarheid kan bevorderen of belemmeren en wat de Meer Waarde Benadering daarin voor jou kan betekenen 

 

In mijn vorige artikel heb je gelezen dat het belangrijk is dat je zelf investeert in persoonlijke en professionele ontwikkeling, zodat je interessant blijft voor werkgevers. En dus inzetbaar blijft.

In dat artikel beschreef ik een aantal elementen die bepalend zijn voor inzetbaarheid in werk.

Maar wist je dat inzetbaarheid ook te maken heeft met je persoonlijkheid, je karakter? En dat je persoonlijkheid duurzame inzetbaarheid kan bevorderen en belemmeren?

Hoe dat werkt en wat de Meer Waarde Benadering daarin voor jou kan betekenen, lees je in mijn artikel.

 

Wat duurzame inzetbaarheid te maken heeft met je persoonlijkheid

 

Hoe je persoonlijkheid duurzame inzetbaarheid kan bevorderen of belemmeren

 

Hoe komt het dat de een makkelijker meebeweegt met de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt dan iemand anders?

En dus makkelijker inzetbaar is?

Dat kan te maken te hebben met de punten die ik in mijn vorige artikel heb genoemd. Maar zeker ook met loopbaanvaardigheden.

En los daarvan, ook louter met wie je bent als persoon. We hebben het dan over inzetbaarheid als karaktertrek.

 

Zo staat de een open voor veranderingen op het werk en de ander niet.

De een wil leren, herkent kansen en ziet veranderingen als kansen.

De ander wordt al moe en depressief bij de gedachte dat het allemaal anders gaat worden en ziet veranderingen eerder als bedreiging dan als een kans.

 

De een is veerkrachtig en optimistisch, de ander bekijkt de wereld door een sombere bril.

Mensen met werk- en loopbaanveerkracht zijn optimistisch over hun loopbaan. Zij benaderen het leven van de zonnige kant, hebben veel zelfwaardering en kunnen tegen een stootje.

 

De een is van nature meer proactief, de ander afwachtend en reactief.

Hoor je bij de eerste categorie, dan ben je geneigd om op eigen initiatief op zoek te gaan naar informatie. En op basis van die informatie de situatie naar je hand te zetten.

Hoor je bij de tweede categorie, dan ben je eerder geneigd om af te wachten hoe de situatie eruit gaat zien en wat men voor jou in petto heeft.

 

De een is ambitieus, de ander vindt het allang best, als hij maar werk heeft.

De ambitieuze stelt zichzelf doelen met betrekking tot zijn loopbaan en doet er alles aan om die doelen te realiseren.

 

De een heeft een duidelijke werkidentiteit, voor de ander is die diffuus.  

De persoon met de duidelijke werkidentiteit kan zichzelf in zijn loopbaan helder definiëren. Voor de ander is dat mistig.

 

Ambitieus zijn kun je leren

 

Ook al zijn we geneigd om karaktertrekken, persoonlijkheidskenmerken te zien als eigenschappen die aangeboren zijn. Je kunt daarin zeker wel leren en je ontwikkelen.

 

Ambitieus zijn kun je leren. Ook al denk je dat je niet ambitieus bent.

Misschien hoef je het zelfs niet te leren, maar komt het vanzelf als je een doel hebt waar je echt warm voor loopt. En dat je energie geeft om er vol voor te gaan.

 

Het hebben van een inspirerend doel zal je ambitieus maken.

Ik zie dat met regelmaat bij mijn coachklanten.

Als mijn coachklant gaande het traject een steeds helderder beeld krijgt van wat hij wil, dan maakt dat energie vrij om er echt voor te gaan. En eenmaal vrij, wordt die energie als het ware gekanaliseerd in de richting die hem voor ogen staat.

En hoe meer het doel je dan aantrekt, hoe krachtiger de energie die wordt vrijgemaakt.

 

Proactief zijn kun je leren

 

Ook al ben je niet zo proactief van jezelf, als je iets heel erg graag wilt, dan lukt het je om proactief te zijn en drempels te slechten.

Zeker als je gebruik kunt maken van een beproefde strategie als de Meer Waarde Benadering, zoals beschreven in mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?‘.

Ik vind het steeds weer mooi om te ervaren hoe mijn coachklanten, als ze eenmaal de eerste horde hebben genomen, hun plan ten uitvoer brengen. En gaan voor het realiseren voor hun doel.

Niet alleen met betrekking tot werk, maar ook daarbuiten.

 

Zelfverzekerd zijn kun je leren

 

Wil je jouw ambities realiseren, dan is het belangrijk dat je een helder beeld hebt van wat je te bieden hebt.

Waar jouw kwaliteiten liggen en welke kwaliteiten van jezelf je het liefste inzet in het werk dat je doet.

Dat sterkt je zelfvertrouwen, ook al ben je van nature misschien niet zo’n zelfverzekerd type.

Zeker als je ook voorbeelden kunt noemen waaruit blijkt dat je bepaalde kwaliteiten hebt. Dat sterkt niet alleen jezelf, maar helpt je ook om je overtuigend te presenteren.

Beide factoren vergroten de kans dat je écht realiseert wat je voor ogen hebt. Want waarom zou je eraan beginnen als je denkt dat het je toch niet gaat lukken?

 

Door een positieve bril kijken naar de arbeidsmarkt kun je leren

 

De arbeidsmarkt is rooskleuriger dan wat je denkt op grond van het aantal vacatures.

Maak je de Meer Waarde Benadering eigen en er gaat een wereld aan mogelijkheden voor je open.

Je weet vast dat 70% van de baanopeningen onder water zit. En dus niet direct zichtbaar is.

Heb je van nature misschien een wat pessimistische kijk op je mogelijkheden, de arbeidsmarkt biedt met de Meer Waarde Benadering ook voor jou meer mogelijkheden dan je denkt.

Als je ze boven water krijgt.

 

Tenslotte

 

Laat je dus niet weerhouden door je persoonskenmerken en karaktertrekken. En denk al helemaal niet ‘ik ben nu eenmaal zo’.

Realiseer je dat karakter en persoonlijkheid geen absolute, vaste gegevens zijn.

Ze zijn ontwikkelbaar.

 

 

Heb je geen helder beeld van wat je wilt en van wat je te bieden hebt?

Zou je graag meer zicht hebben op je mogelijkheden en de arbeidsmarkt proactiever willen benaderen?

 

Bel (0575-544588/ 06 54762865) of e-mail ([email protected]) me gerust voor het maken van een afspraak voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

Handreikingen voor het ontwikkelen en versterken van moed

 

Richtingsbesef, weten welke koers je wilt varen is een van de pilaren van de factor moed.

Maar alleen een gevoel van richting is niet genoeg om in beweging te komen. Wil je echt het pad in de juiste richting bewandelen, dan heb je het lef, de drive als tweede pilaar nodig om dat echt te doen.

En cruciaal is, dat de twee pilaren staan op een stevig fundament; een gezond ego.

Een goed ontwikkeld en uitgebalanceerd ego voedt jouw gedachten en zet jou aan tot actie. Een gezond ego is de bron van jouw wensen en de krachtbron achter jouw beslissingen.

Moed vertonen kan dan ook niet zonder zelfkennis, zelfbewustzijn en zelfvertrouwen.

En die kun je ontwikkelen. Op je eigen houtje of met behulp van een goede coach.

 

Wat een gezond ego onmisbaar maakt voor het vertonen van moed

 

Zelfkennis als onderdeel van een gezond ego

 

Zelfkennis heeft te maken met het cognitieve kennen van je eigen talenten en valkuilen.

Het is mijn ervaring als loopbaancoach, dat menigeen geneigd is zijn talenten te onderschatten. Mogelijk ook omdat kwaliteiten van jezelf zo eigen zijn, dat je ze als gewoon ervaart en niet meer ziet als een kwaliteit.

Dat gebeurde onlangs weer tijdens een coachsessie met een van mijn coachklanten. Hij had zijn succesverhaal heel mooi concreet uitgewerkt. Zodanig dat ik me een goed beeld kon vormen van hoe hij gehandeld had in betreffende situatie.

Zelf had hij er een zestal kwaliteiten uit gehaald. Ik als coach had er wel vijfentwintig gedestilleerd. Alle vijfentwintig waren ze herkenbaar voor hem. Niet alleen in dat specifieke verhaal, maar ook in andere contexten.

Toch had hij ze zelf niet benoemd, blind door wat hij van zichzelf zo gewoon is gaan vinden.

 

Een adequate inschatting van je eigen talenten en valkuilen is cruciaal als deel van het fundament waarop de twee pilaren drive en gevoel van richting rusten.

Doe jezelf niet tekort, maak je niet onnodig klein, maar overschat ook jezelf niet.

Mind the gap! En dan niet the gap bij de underground, maar de skills gap; het gat tussen de kwaliteiten die je bezit en de kwaliteiten die in een bepaalde functie van je worden gevraagd.

 

 

Zelfbewustzijn als onderdeel van een gezond ego

 

Zelfbewustzijn is niet hetzelfde als zelfkennis.

Misschien wijzen beide begrippen jou daar al op. Kennis is namelijk iets anders dan bewustzijn.

Ook dat zie ik in mijn coachtrajecten. Je kunt bijvoorbeeld je kwaliteiten nog wel kennen, maar ze je volledig toe-eigenen, ze verinnerlijken, je er bewust van zijn; dat is nog een andere kwestie.

Mede daarom is het werken met succesverhalen zo waardevol. Bijvoorbeeld in vergelijking met het werken met vragenlijsten, competentiekaartjes of tests.

Het schrijven van eigen succesverhalen en het daaruit destilleren van kwaliteiten helpt je om je de kwaliteiten eigen te maken, zodanig dat je je bewust wordt van wat je te bieden hebt. Zeker als je niet alleen zelf kwaliteiten uit jouw succesverhalen destilleert, maar dat doet samen met een maatje.

Dat leidt tot zelfvertrouwen dat dieper geworteld is dan weten waar je goed in bent.

 

Zelfbewustzijn gaat niet alleen over je bewust zijn van je kwaliteiten, maar ook over het je bewust zijn van je drijfveren en je overtuigingen.

Drijfveren en overtuigingen zitten namelijk lang niet altijd vooraan in jouw kennissysteem over jezelf. Ze bewegen zich voor een deel in jouw onderbewustzijn.

De mate waarin je je letterlijk bewust bent van je drijfveren en je overtuigingen zegt iets over jouw zelfbewustzijn.

Door zelfbewustzijn voorkom je dat je bijvoorbeeld je eigen pech creëert. Ook bij de baanverwerving.

Door je eigen overtuiging of gebrek aan vertrouwen kun je namelijk zelf je eigen pech creëren, eenvoudigweg omdat die jouw handelen vanuit je onderbewustzijn bepalen.

 

 

Zelfvertrouwen en vertrouwen in eigen kunnen als onderdelen van een gezond ego

 

Zelfvertrouwen is niet hetzelfde als vertrouwen in eigen kunnen of zelfeffectiviteit.

Zelfvertrouwen zegt meer in zijn algemeenheid iets over het vertrouwen in jezelf.

Mensen met veel zelfvertrouwen zitten over het algemeen lekker in hun vel, geloven in hun eigen kracht en zijn geneigd om zaken in een positief licht te zien.

 

Vertrouwen in eigen kunnen, kun je zien als een specifiek zelfvertrouwen.

Men noemt het ook wel zelfeffectiviteit.

Het heeft te maken met kennis van en vertrouwen in eigen vaardigheden op een bepaald terrein; het kunnen maken van een adequate inschatting of je als individu de kwaliteiten hebt om een bepaald doel te bereiken.

 

Wil je je vertrouwen in eigen kunnen, dus je zelfeffectiviteit vergroten?

Lees de tips in het artikel dat ik schreef over ‘Hoe je je kans op succes vergroot door je vertrouwen te ontwikkelen’ er nog eens op na.

 

En ben je je zelfvertrouwen een beetje kwijtgeraakt? 

Dan is er alle aanleiding om eraan te werken en het weer op te bouwen.

In een van mijn artikelen kun je lezen waarom.

Ook geef ik je in dat artikel een zevental tips voor meer zelfvertrouwen, waardoor je jouw kansen op de arbeidsmarkt vergroot.

 

 

 

 

En heb je het gevoel dat je focus mist om daarop te kunnen sturen?

Of mis je de drive om het pad in de juiste richting te bewandelen?

Misschien wel omdat het fundament in de vorm van een gezond ego als Counter Balance ontbreekt?

Bel (0575-544588/ 06-54762865) of e-mail ([email protected]) me gerust om een afspraak te maken voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

Waarom je je eigen gevoel niet moet reflecteren op de ander

 

Stel je voor, je bent het niet eens met de gang van zaken op je werk. Je bent boos over het feit dat steeds meer op jouw bordje wordt gelegd.

Als je je leidinggevende daarover aanspreekt, krijg je weinig gehoor. Ook al zegt die: ‘Ik hoor wat je zegt.’ Mogelijk maakt die reactie je nog bozer. Want écht gehoord voel je je niet. Zeker niet als het bij die reactie blijft en dat het enige is wat je te horen krijgt. Terwijl je graag wilt dat er met jou wordt meegedacht om te komen tot oplossingen voor jouw situatie.

Een vergelijkbaar effect kun je ervaren als je gesprekspartner een zo genoemde ‘gevoelsreflectie’ geeft. Een gevoelsreflectie is een opmerking, waarmee je verwoordt welke gevoelens je bij de ander waarneemt.

 

In plaats van een gevoelsreflectie geven, durf door te vragen

 

Je eigen gevoel reflecteren op de ander is niet adequaat

 

Je doet het heel makkelijk, jouw eigen gevoel reflecteren op de ander.

Bijvoorbeeld ‘ik snap dat je teleurgesteld bent’. Of ‘ik snap dat je daar verdrietig over bent’. Of ‘ik snap dat dat moeilijk te accepteren is voor je’.

Met een gevoelsreflectie wil je een ander duidelijk maken dat je hem hebt gehoord en begrepen. En daarmee wil je het contact versterken. Maar mogelijk sla je met een gevoelsreflectie de plank helemaal mis.

Misschien denkt de ontvanger van jouw boodschap ‘Volgens mij snap je het helemaal niet.’ En is bijvoorbeeld ‘verdrietig’ of ‘teleurgesteld’ niet het juiste label voor hoe betreffende persoon zich voelt.

Je hebt dan ook kans dat je boodschap niet binnenkomt, als je een gevoelsreflectie geeft. Ook al denk je dat je begrip toont voor de ander. Het kan zelfs zijn dat je met je gevoelsreflectie eerder afstand creëert dan verbinding. Omdat de ander zich niet begrepen voelt. In plaats van het begrip dat jij over wilt brengen.

 

 

In plaats van een gevoelsreflectie geven, durf door te vragen

 

Laat de ander zijn verhaal doen. Toon al luisterend begrip voor de gevoelens en de mening van de ander. Dat kan bijvoorbeeld door simpelweg te knikken of te ‘hummen’. Maar je kunt ook actief supporten door woorden te gebruiken als ‘ja’ of ‘ja, dat klopt’. Daardoor voelt de ander zich veilig, ontstaat er verbinding en dat werkt weer positief voor het beeld dat de ander van je heeft.

Daarmee creëer je ook de mogelijkheid om vanuit een open houding vragen te stellen aan de ander om te achterhalen hoe die kijkt en denkt. Door open vragen te stellen geef je de ander de ruimte om zijn verhaal te vertellen. Vragen als bijvoorbeeld ‘hoe ervaar je dat?’, ‘wat maakt dat voor jou belangrijk?’, ‘wat zou je dat opleveren?’. Op basis van de informatie die je krijgt, kun je dan in eigen woorden een samenvatting geven van wat je gehoord hebt.

Zo’n samenvatting begint dan bijvoorbeeld met ‘Dus, als ik je goed begrijp…… …….; klopt dat?’ Daarbij is het belangrijk dat je de samenvatting geeft in jouw eigen woorden. Ga dus niet ‘papegaaien’; min of meer letterlijk herhalen wat de ander heeft gezegd. En vergeet niet om expliciet de vraag te stellen ‘klopt dat?’ Want met die vraag verifieer je of jouw indruk juist is. En nodig je de ander uit om je te corrigeren of een aanvulling te geven op wat jij zojuist hebt teruggekoppeld.

 

 

Kortom

 

Reflecteer je eigen gevoel niet op de ander. Stel vanuit een open houding vragen en neem de tijd om te luisteren naar wat een ander jou te vertellen heeft. Laat blijken dat je met je aandacht bij de ander bent door te knikken of te ‘hummen’. Of actief te supporten met een enkel woord, ‘ja’, of enkele woorden, ‘ja, dat klopt’.

Realiseer je dat je met louter een gevoelsreflectie het risico loopt dat je de plank misslaat en de ander zich niet gehoord en begrepen voelt. En dat je in plaats van verbinding, weerstand oproept. En de ander zich eerder van je verwijdert, dan dat je verbinding creëert.

 

 

Ben je niet gelukkig met de gang van zaken op je werk?

Zou je daarover eens willen sparren met mij als loopbaancoach?

Neem contact met me op. Een oriënterend gesprek is kosteloos.

Wellicht kan ik je in ons gesprek al tips geven hoe je werk meer naar je hand te zetten.

 

 

 

 

Weet wat jouw talent is, want organisaties zijn op zoek naar talent

 

Jouw talent, wat is dat? Heb jij dat als professional helder in beeld? En kun je je daarmee profileren?

Organisaties zoeken wereldwijd naar talent door de toenemende schaarste op de arbeidsmarkt.

Het is dus belangrijk dat jij een helder beeld hebt van jouw talent en dat je je als professional daarmee kunt profileren.

 

Wat is jouw talent?

© foto Martin Langbroek

 

Wat is een talent?

 

Simpel gezegd kun je talent verwoorden als ‘meer aanleg dan de meeste anderen voor iets, waardoor iemand op dat vlak sneller leert en een hoger niveau kan bereiken’.

Een talent is meestal van nature gegeven. Een talent heeft alles te maken met aangeboren eigenschappen.

Niet voor niets vraag ik je in een coachtraject om ook succesverhalen te schrijven uit je vroege jeugd. Want wellicht komen daarin kwaliteiten naar voren, die wijzen in de richting van jouw talent.

Maar een talent moet nog wel ontwikkeld worden om tot excellente prestaties te komen, ook al is een talent in aanleg van nature gegeven.

En die ontwikkeling gaat niet vanzelf. Voor die ontwikkeling is een juiste context nodig en heel veel oefenen. Wist je dat je om echt goed te worden in iets, je er zeker 10.000 uur in moet steken?

Uitblinkers doen dat. Zij steken veel meer tijd in hun ambitie dan mensen die minder ver komen. Hun focus is steeds ‘ik wil mijn prestatie verbeteren’. Zij laten zich uitdagen. Zij leggen de lat hoog.

Ik zie dat ook bij mijn klanten. Zij zijn bewust bezig met de ontwikkeling van hun talent. Zij investeren daarin en kiezen welbewust voor begeleiding door mij als coach.

 

 

Ontwikkeling van talent gaat hand in hand met passie

 

Ontwikkeling van je talent kan bijna niet zonder passie voor wat je doet.

Als je veel tijd en energie moet steken in de ontwikkeling van je talent, dan moet je erg veel voldoening ervaren in wat je doet. Anders houd je dat niet vol.

Plezier hebben in wat je doet is in een MEER WAARDE IN WERK-traject dan ook een belangrijke factor.

Bij het in kaart brengen van je competenties, kom je tot een gewogen rangordening en een ‘top vijf’. In die ‘top vijf’ zitten de competenties die je relatief het liefste inzet in het werk dat je doet en waarin je relatief ook het beste bent. Maar hoe graag je iets doet, weegt het zwaarst bij gelijke beoordeling van hoe goed je in iets bent.

In de ‘top vijf’ van jouw competenties zit ook je talent.

 

 

Iedereen heeft talent

 

Het is alleen de kunst om je talent boven tafel te krijgen. Om het vervolgens te kunnen omarmen, verder te ontwikkelen en te benutten.

Voor jezelf is het soms moeilijk om je talent als zodanig te onderkennen.

Zoals ik beschreef, is een talent in aanleg van nature gegeven. In jouw optiek ben je ‘gewoon’ zo, of gedraag je je ‘gewoon’ zo. Je realiseert je vaak niet dat wat jij laat zien, niet ‘gewoon’ is, maar een kwaliteit. Misschien zelfs een talent.

En je realiseert je soms al helemaal niet dat je van zo’n talent je werk kunt maken.

 

Ik moet daarbij denken aan een van mijn coachklanten, een ICT- architect.

Zijn contract is niet gecontinueerd en hij zit in de WW. Zijn vraag is of hij überhaupt een goede werkplek zou kunnen vinden. Hij is bang tussen de wal en het schip te raken.

In zijn ogen heeft hij als ICT- architect geen specifieke specialisatie. Ook schieten volgens zijn vorige werkgever zijn communicatieve vaardigheden, zijn consultancy skills tekort.

Verder heeft hij de indruk dat men bij architectenbanen eerder een senior developer (programmeur/ontwikkelaar) in gedachten heeft. En de voorkeur heeft voor iemand die goed is in requirement analyse.

In zijn ogen heeft hij geen up-to-date expertise met betrekking tot development. Overigens wil hij ook geen senior developer zijn.  

Al met al heeft hij een negatief beeld van zichzelf en weet hij niet waarom een werkgever met hem in zee zou willen gaan.

 

Gaande het traject wordt duidelijk dat zijn competenties op het conceptuele en logische vlak meer dan gemiddeld ontwikkeld zijn. Zeker als je dat vergelijkt met een gemiddelde developer. Bovendien ligt op dat terrein ook zijn passie.

Als ICT- architect weet hij zaken snel te plaatsen. Hij kan op technisch niveau snel en goed linken leggen. Hij doorziet snel de logica en weet die praktisch toepasbaar te maken. Zo komt hij tot product- en procesverbetering, meer effect en efficiency en hij weet met minder meer gedaan te krijgen.

Dat is zijn talent.

 

 

Werk maken van talent

 

Dat geldt voor jou als professional, maar ook voor organisaties.

 

Voor mijn bovengenoemde coachklant is het zaak om werk te maken van zijn talent.

Mijn advies aan hem is om voor de baanverwerving te focussen op netwerken.

Bij ‘traditioneel solliciteren’ loopt hij mogelijk grote kans om, zoals hijzelf aangeeft, ‘tussen de wal en het schip te raken’.

Gezien zijn kwaliteiten matcht hij niet optimaal met het profiel van een ICT- architect. Evenmin matcht zijn professioneel profiel optimaal met het profiel van een programmeur.

Met zijn specifieke talent is het dus zaak om te focussen op netwerken. Want er zijn organisaties die zitten te springen om een professional zoals hij.

 

Steeds meer organisaties zijn geneigd om werk te maken van het vinden van talent en daar werk voor te creëren. 

Zij denken en werken minder functiegericht, maar meer mensgericht.

Zij zijn minder geneigd om zich te laten leiden door functieprofielen en daar een medewerker bij te zoeken. En laten zich meer leiden door talenten van mensen en zoeken een rol die daarbij past.

 

Dat vraagt van jou als professional een omslag in je denken. Dat denken zal minder gefocust zijn op functieprofielen en functiecriteria. Maar meer gericht op waar jij jouw talent te gelde kunt maken.

Het is dus van cruciaal belang dat jij weet wat jouw talent is. En dat je je daarmee kunt profileren.

 

 

Kun je daarbij wel wat hulp gebruiken?

Bel (0575-544588 / 06-54762865) of e-mail ([email protected]) me voor het maken van een afspraak.